A C T U A L I T Y – Ook aan A C T U A L I T Y is de Grens bereikt – soms is er geen Voet- B À L meer aan…

Grens overschreden…

Zelden heeft een gewelddaad op een voetbalveld zo veel ontsteltenis veroorzaakt als het doodschoppen van de 41-jarige grensrechter Richard Nieuwenhuizen. Hij vlagde afgelopen zondag een amateurwedstrijd in Almere. Dat deed hij als vrijwilliger al vele jaren uit liefde voor de jeugd en voor de sport.

Omdat drie spelers van sv Nieuw-Sloten B1 het niet met een beslissing van grensrechter Nieuwenhuizen eens waren, vielen ze hem aan, sloegen en trapten hem, onder de ogen van zijn zoon, ook toen hij weerloos op de grond lag. Een dag later overleed Richard, vader van een gezin, aan zware hersenbeschadiging. Volgens het openbaar ministerie, dat altijd krampachtig ’politiek correct’ wil wezen, werd de misdaad begaan door ’drie Nederlandse jongens’. Maar de dagbladpers vermeldde al spoedig dat het ging om twee 15-jarige Marokkanen en een 16-jarige Antiliaan.

Nooit eerder werd zo snel en doortastend gereageerd op zulk een wandaad. De KNVB schrapte voor dit weekeinde alle amateurwedstrijden. Het betaald voetbal gaat nog wel door, maar de spelers hebben besloten daarbij allen een rouwband om de arm te dragen. Zelfs in Japan is er voor de vermoorde Nederlandse grensrechter een minuut stilte in acht genomen. Ook in België en Frankrijk komt voetbalgeweld voor. In Frankrijk worden wekelijks meer dan honderd scheidsrechters bedreigd.

Ondenkbaar

Men kan zich afvragen waardoor er vooral veel geweld dreigt bij voetbal. Zelden of nooit hoort men over aanvallen op scheids- of grensrechters bij handbal, basketbal, korfbal of hockey. Zelfs bij het zeker niet zachtzinnige rugby zijn onderling geweld of vechtpartijen met publiek eigenlijk ondenkbaar. Maar het schijnt dat voetbal, als de meest populaire volkssport, bij sommige mensen veel agressie kan oproepen. Bij geen enkele andere sport is er bij grote wedstrijden ook zo veel beveiliging en politie nodig als bij voetbal. Ook moet niet vergeten worden dat er heel veel wordt gevoetbald. In ieder weekend worden in ons land alleen al op amateurniveau 26.000 (!!) wedstrijden gespeeld.

Professor Micha de Winter, de Utrechtse hoogleraar maatschappelijke opvoedingsvraagstukken, stelde terecht dat agressie in de meeste mensen weliswaar aangeboren aanwezig is, maar dat het omgaan en doseren ervan een kwestie van opvoeding is. Bij die opvoeding zijn twee instituten van groot belang. Ten eerste de ouders en ten tweede het onderwijs. Bij vele allochtone jongeren gaat het thuis al mis. Zeker bij Marokkanen afkomstig uit de buurt van het Rifgebergte, blijken ouders de Nederlandse taal, zelfs na vele jaren verblijf in Nederland, niet of nauwelijks te beheersen. Hun kinderen daarentegen leren onze taal op school en op straat. Daardoor krijgen vooral jongens al spoedig een belangrijke rol in het Marokkaans-Nederlandse gezinsleven. Ze vertellen wat er voor nieuws op de televisie is, ze vertalen officiële brieven en overheidsmededelingen en gaan mee naar de dokter als tolk voor hun ouders of grootouders.

Daarbij worden in het islamitisch milieu jongens toch al veel belangrijker gevonden dan meisjes. Dus van een krachtige opvoeding van de jongens is vaak geen sprake. Vandaar ook dat Marokkaanse meisjes het veel beter doen in onze maatschappij dan hun vaak sterk overschatte broers. Het niveau van het Nederlandse onderwijs is sinds de jaren zestig en zeventig zeer gedaald en door linkse principes uitgehold. Autoriteit, orde, discipline, goede omgangsvormen werden ouderwets en fnuikend voor de kinderziel verklaard en zodoende maken onze scholen op bezoekende buitenlandse onderwijskrachten een chaotische indruk.

Juist deze week werd ik opgebeld door een oud-leraar lichamelijke opvoeding, een vak dat vanwege bezuinigingen nauwelijks nog bestaat. Hij had de ineenstorting van ons eertijds zo voortreffelijke onderwijs van het begin af aan meegemaakt. Hij vroeg: Weet u op welk moment de ellende begonnen is?” Hij gaf zélf het antwoord: Toen de klassieke schoolbanken werden vervangen door modieuze tafeltjes en stoeltjes. Die ouderwetse zware eikenhouten banken waren de symbolen voor orde, regelmaat en discipline. Het gaf de leerlingen ook een soort veilig gevoel om samen met een vast schoolvriendje of -vriendinnetje in één bank te zitten.”

De tafeltjes en stoelen konden gemakkelijk worden verplaatst voor bijvoorbeeld kringgesprekken, teamwerkzaamheden en spelletjes, maar leidden vaak tot chaos en onoverzichtelijkheid in de klas. Vrijwel tegelijkertijd verdwenen de schitterende wandplaten over de natuur en de vaderlandse geschiedenis, want die zouden te ouderwets zijn. De docenten trokken informele kleding aan met spijkerbroeken en gymschoenen. Ze lieten zich massaal bij de voornaam noemen. De begrippen respect, hoffelijkheid, beleefdheid enzovoorts verdwenen, naar het leek, samen met de schoolbanken. Dat betekende in het bijzonder voor Marokkaanse jongens dat iedere correctie van hun gedrag onmogelijk was geworden.

Bekrompen

Een korte inzage in het archief Onderwijs en Allochtonen, toont het gelijk van de ervaren sportdocent aan. Er is door onze politici veel te weinig geluisterd naar de adviezen en de ervaringen van oudere en gepensioneerde docenten, die altijd door veelal linkse, maar vaak technisch onbekwame bestuurders achteloos werden terugverwezen naar de geraniums, omdat ze te ouderwets, te bekrompen en niet progressief genoeg zouden zijn.

Achmed Baâdoud, de allochtone voorzitter van het Amsterdamse stadsdeel Nieuw-West (de thuisbasis van de voetbalclub NieuwSloten), vermeldde in het blad Metro dat de oorzaak van geweld in het amateurvoetbal primair ligt bij de Marokkaanse ouders, die niet weten hoe ze hun ontspoorde zoons moeten bijsturen. Dit probleem is alleen op te lossen als men eindelijk eens ophoudt met krampachtig politiek correcte pogingen om de etnische identiteit van de geweldplegers voortdurend te maskeren. Zoals het schrijven over ’drie Amsterdamse jongens’ in plaats van ’twee Marokkanen en een Antilliaan’.

Vroeger in de geneeskunde werd ook nooit openlijk de naam van akelige ziekten zoals tuberculose en kanker genoemd. Om nog maar te zwijgen over geslachtsziekten (soa’s). Daar zijn we geen bliksem mee opgeschoten. Thans, in onze huidige tijd, kan men vrij spreken en schrijven over borstkanker, longtuberculose en gonorroe. En dat heeft de behandeling van al die ziekten ten zeerste vergemakkelijkt. Wanneer zal dat eindelijk eens gebeuren met etnische problemen?

Share
Dit bericht is geplaatst in Geen categorie en getagd , , , , , , , , , , , , , , , , , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>